De natuur kiest geen partij. Maar ze is ook niet onpartijdig. Ze heeft geen voorkeur voor de een boven de ander, maar ze probeert ook niet iedereen gelijk te behandelen. De natuur heeft geen plan dat ze moet volgen. Toch is ze ook niet zonder richting. Alles in de natuur verandert voortdurend. Het ene ontstaat, het andere verdwijnt. Planten groeien, dieren worden geboren en sterven. De zon komt op en gaat weer onder. De seizoenen volgen elkaar op. Alles gebeurt, zonder dat de natuur hoeft uit te leggen waarom.

De natuur is niet barmhartig, maar ook niet wreed. Een storm kan een huis verwoesten, maar kan ook water brengen dat nodig is voor het leven. De zon geeft warmte, maar kan de aarde ook uitdrogen. Een roofdier doodt een ander dier om te kunnen leven. Wij kunnen dat wreed vinden, maar voor de natuur is het geen kwestie van goed of kwaad. Het is wat er gebeurt. Ook de natuur is niet goed of slecht. Wij mensen geven gebeurtenissen die namen. We noemen iets goed als het ons helpt en slecht als het ons pijn doet. Maar de natuur zelf denkt niet in zulke woorden. Ze oordeelt niet over wat er gebeurt. Ze doet zich niet anders voor dan ze is. De natuur heeft geen natuur die ze moet volgen. De natuur is eenvoudigweg de natuur.

Misschien geldt iets vergelijkbaars voor iemand die wijs is. Een wijze kiest niet voortdurend partij, maar probeert ook niet koste wat kost onpartijdig te zijn. Hij hoeft niet altijd een doel voor ogen te hebben, maar hoeft ook niet zonder doel door het leven te gaan. Hij kan barmhartig zijn zonder zichzelf als barmhartig te zien. Hij kan streng zijn zonder zichzelf wreed te noemen. Hij hoeft niet steeds te bepalen wat goed of slecht is. Dat betekent niet dat de wijze geen keuzes maakt of geen onderscheid kan zien. Het betekent dat hij zich niet volledig laat leiden door zijn oordelen. Hij weet dat wat voor de een goed is, voor de ander slecht kan zijn. Wat vandaag verstandig lijkt, kan morgen anders blijken.

En wat hij nu denkt te begrijpen, hoeft niet de hele werkelijkheid te zijn. Iemand die wijs is hoeft zichzelf ook niet voortdurend wijs te vinden. Zodra hij zichzelf wijs noemt, moet hij proberen dat beeld in stand te houden. Dan moet hij misschien laten zien dat hij gelijk heeft, dat hij meer weet dan anderen of dat hij boven bepaalde gevoelens en gedachten staat. Maar werkelijke wijsheid hoeft zichzelf niet te bewijzen. Ze hoeft geen naam te hebben en geen plaats in te nemen boven andere mensen. De wijze hoeft niet anders te zijn dan hij is. Hij kan luisteren zonder meteen te oordelen. Hij kan handelen zonder zichzelf daarvoor te prijzen. Hij kan iets niet weten zonder zich daarvoor te schamen. En hij kan van gedachten veranderen zonder te denken dat hij daardoor minder wijs is geworden. Een wijze is niet wijs omdat hij zichzelf wijs vindt. Hij is niet bezig om wijs te worden of wijs te blijven. Hij leeft, zoals de natuur leeft. De natuur probeert geen natuur te zijn. Een boom hoeft niet na te denken over hoe een boom zich hoort te gedragen.

Een rivier hoeft niet te weten waar ze naartoe gaat om te kunnen stromen. En de wind hoeft niet te beslissen of hij zacht of krachtig zal zijn. Alles gebeurt zoals het gebeurt, binnen de omstandigheden waarin het ontstaat. Misschien begint ook de vrijheid van de mens wanneer hij niet langer voortdurend probeert te voldoen aan een beeld van zichzelf. Wanneer hij niet altijd goed, verstandig, vriendelijk of wijs hoeft te zijn. Wanneer hij zichzelf niet steeds hoeft te verbeteren om iemand te worden die hij denkt te moeten zijn. Dat betekent niet dat hij niet kan leren of veranderen.

Het betekent alleen dat hij niet voortdurend tegen zichzelf hoeft te vechten. Hij mag zien wat er in hem leeft, zonder er meteen een oordeel over te vormen. Hij mag handelen wanneer handelen nodig is en rusten wanneer rust voldoende is. De natuur hoeft zichzelf niet te verklaren. Ze hoeft niet te bewijzen dat ze gelijk heeft. Ze is er, in al haar  veranderingen, tegenstellingen en onvoorspelbaarheid. Misschien hoeft een wijze daarom ook niet voortdurend te weten wie hij is. Hij hoeft geen vast beeld van zichzelf te hebben en hoeft niet te voldoen aan wat anderen onder wijsheid verstaan. Hij leeft, kijkt, voelt en handelt. Soms met begrip, soms zonder begrip. Soms met zekerheid, soms met twijfel. En misschien is dat genoeg. De natuur is niet goed of slecht, niet wijs of dwaas. Ze is de natuur. Een wijze is niet bezig een wijze te zijn. Hij leeft, zonder zichzelf voortdurend te hoeven benoemen. De natuur is de natuur, de wijze is de natuur.
 


Ontdek meer van Boekenvonk

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

Ontdek meer van Boekenvonk

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder